Bezoek Dirk en Anne

Vrijdag 20 juni 2014

De ferry vertrekt vanuit Punta Gorda, Belize met ongeveer 40 minuten vertraging, naar Centraal-Amerikaanse normen quasi stipt op tijd. Na een drukke periode op het labo voor Anne en het einde van mijn (laatste) schooljaar, altijd al een beetje een krankzinnige periode, hebben we enkele rustige dagen doorgebracht in Belize, aan het strand in Placencia. Maar vandaag zijn we op weg naar onze tweede bestemming, Guatemala, waar we – hopelijk – door Linda en Hans van de Baros worden verwacht.

Na 50 minuten hard bonken op het water van de Golf van Honduras is het zover: Livingston, Guatemala. En ja, kapitein en eerste matroos staan ons al op te wachten, in wat ik denk dat neutraal terrein tussen de twee landen moet zijn, enkel bedoeld voor immigratie en douaneformaliteiten. Maar dat is ook alweer zonder de soepele Latijnse wetgeving gerekend. Immigratie kan nog even wachten en kan dan in een kantoortje even verder op de straat.  Buenos dias, vriendelijk glimlachen en de stempel in ons paspoort. Geen verrassing dat Livingston een droom is voor smokkelaars in deze regio. En dus ook geen verrassing dat Linda en Hans letterlijk op het aankomstdock van de ferry staan, fototoestel in aanslag. Het is drie jaar geleden intussen  toen zij de zomer bij ons in Fort Collins hebben doorgebracht. Tijd vliegt en skype doet dat soms vergeten, maar nu voelt het toch echt aan als drie jaar, 1095 dagen – te lang zonder familie. Ze zien er goed uit, Linda en Hans, zoals het te verwachten is van eeuwige vakantiegangers.

Na een welkomstdrank (ik herinner me niet of ze ons getrakteerd hebben – dat had in elk geval wel gemogen) is het tijd om op te schieten  want we moeten nog ongeveer 20 km via de Rio Dulce landinwaarts, per lancha, een gemotoriseerde sloep, tot aan Monkey Bay Marina  waar we de komende dagen gaan doorbrengen. De rivier is breder dan ik me had voorgesteld en aan weerszijden torent een muur van jungle op, 50 shades of green. Geen wegen lopen vanaf dit korte stukje Caraïbische kust richting binnenland en de Rio is dus de enige transportroute voor mensen en goederen.  Enkele uren later zijn we er dan en ook met de Baros is het een prettig weerzien. Ik voel me er dadelijk thuis. We zijn hier en voor lang!

De Marina heeft een Duitse eigenaar maar wordt gemanaged door een Amerikaan, John,  en er woont ook een locale familie die het onderhoud en het schoonmaken van de boten verzorgt, een soort conciërge eigenlijk.  Een steiger leidt van de boten (er zijn er een stuk of 25maar de meeste liggen er onbewoond bij) naar een centraal blok met was- en douchefaciliteiten, eenpalapa (een grootrieten afdak) met keuken, eettafel en eenaantal zetels en sofa’s (voor wanneer het leven van zalig nietsdoen je plots tevee wordt en je een rustpauze wil inlassen). Kadootjes worden uitgedeeld en goed bevonden en tijdens de komende dagen zal er door ons vier vooral eindeloos gebabbeld worden, een soort manischratelen, met honderd-en-één nieuwtjes om de voorbije drie jaar in te halen.

 

Zaterdag 21 – maandag 23 juni 2014

De drie volgende dagen maken we echte – wat ik zou noemen – “zeilersdagen” mee. Zeilersdagen aan land weliswaar. Veel wordt er niet uitgevoerd, behalve tateren, eten, drinken (het is hier wel tropisch warm hè kritikasters!) en tateren (of had ik dat al gezegd?). O ja, we gaan ook inkopen doen in Rio Dulce, een dinghy-ritje van ongeveer 15 minuten.  Het dorpje heette vroeger Fronteras omdat het op de grens (de rivier) lag tussen Guatemala en Honduras.  Maar toen die grens, na een gewapend conflict tussen de twee landen een eind oostwaarts opschoof, werd het dorp herdoopt en vernoemd naar de rivier. Zwaar vrachtwagenvervoer worstelt zich door de smalle hoofdstraat van het dorp, rakelings langs winkeltjes en shoppers en raast daarnaeen immense brug over op weg naar Guatemala City. Bienvenido in Rio

 Dulce, een heksenketel ! Linda en Hans hebben er wel al een solide network van plaatselijke leveranciers ontwikkeld : groenten en fruit, kaas, eieren, kip, salami alles heeft zijn vaste locatie en overal worden ze begroet alsof ze lang verloren vrienden zijn. Ook hebben ze inmiddels een stamkroeg (wat een verrassing!), het Sundog Café, waar – het kan niet meer kapot – Stella, Leffe en Hoegaarden wordt geschonken.  België zendt zijn zonen én zijn bieren uit.

Op zondag is hèt evenement van de dag de wereldbekerwijdstrijd België – Rusland, die de Belgen met 2-1 winnen. Ik voel me redelijk tevreden – toch niet zo’n grote patriot als ik dacht misschien ? – maar het sloganeske “En alle Russen kunnen ze kussen!” borrelt toch ergens in mijn achterhoofd op. 

Op maandag is het dan de beurt aan Nederland voor hun wedstrijd in de voorronde waarvoor ik zelfs, onder zachte dwang van de kapitein van de Baros, een oranje T-shirt heb aangetrokken. Ben al even vergeten tegen wie ze speelden, wat de uitslag was en of het spannend of oogstrelend voetbal was maar winnen hebben  ‘de Ollanders’ wel gedaan. Hansiepansie tevreden ! Had ik trouwens al vermeld dat we af en toe ook iets moesten drinken ? Iets fris, tegen de hitte en dat we ook veel gebabbeld hebben ?

 

Dinsdag 24 juni 2014

Na drie dagen van dattum (ik zou het wel gewoon worden) is het vandaag dag van vertrek vanop de Baros maar nog geen afscheid van Linda en Hans. Die hebben immers beslist ons te vergezellen op onze zij-uitstap naar Copán, Honduras,  één van de drie grote Maya-sites in Centraal-Amerika, naast Chichen Itza in Mexico en Tikal in Guatemala. Hoewel het over een afstand van slechts een goeie 250 km gaat, duurt de reis per bus en minibus een hele dag, van 9 uur ‘s morgens tot ongeveer 4 uur ‘s namiddags.  (Hans, die ooit eens berekend heeft hoeveel kilometers hij professioneel heeft afgelegd - 37 miljard, als ik me niet vergis – kijkt er niet naar uit maar hij blijft toch flink).  Zelfs de eerste helft van de trip, die langs de Panamericana gaat,  toch de grootste snelweg van het hele continent, verloopt traag: het is maar een tweebaansweg met voortdurend bochten en lange steile helllingen en het snellere verkeer wordt er opgehouden door vrachtwagens die traag omhoog kruipen.  Wanneer we van de Panamericana afslaan wordt het verkeer rustiger maar de weg (nog) smaller en blijkt het wegdek versierd met diepe putten.  Op 40 km van de grens moeten we dan overstappen in een minibusje – een collectivo. Om de 200 meter worden er passagiers pogepikt of afgezet en tussen elke stop in trekt de chauffeur op als een Formule 1 piloot. We razen door piepkleine dorpjes, remmen als gek, trekken weer op en plots zijn we dan aan de grens  waar 18-wielers in een eindeloze rij schijnbaar doelloos staan te wachten op douanecontrole. Voor ons verloopt de ‘Guatemala uit – Honduras in’ procedure zo goed als vlekkeloos maar het moet natuurlijk overal wat kosten : enkele quetzals hier, wat lempiras daar … Het dorp Copán ligt ongeveer 10 km verderop. Eerste indruk : wat rommelig, nauwe straatjes met enkelbrekende kasseien, enkele steile hellingen en in het centrum een klein maar levendig Parque Central.  We vinden er een hotelletjevoor de komende paar nachten en daarna stort de Baros crew zich in de Cuba Libres.

 

Woensdag 25 juni 2014

Ter voorbereiding van wat straks een drukke toeristische dag moet worden, slaagt Hans er nog eerst in de wasbak uit de muur van zijn hotelbadkamer te rukken waarna in allerijl Linda wordt uitgestuurd  om de conciërge te vinden terwijl zij zich koortsachtig het Spaanse jargon van het sanitair en de loodgieterij probeert voor de geest te halen. No hay problema.

Wanneer we om 9 uur aan de site van de Maya’s aankomen,  lijkt de plek wel verlaten. Dat geeft ons alle tijd en ruimte om ongehinderd tussen de imposante tempelruïnes door te lopen en  alle informatie erover in ons op te nemen.  Het geheel is misschien minder imposant dan de twee eerder vermelde plaatsen,  maar het blijft indrukwekkend genoeg ook omwille van de tientallen stelae (rechtopstaande stenen waarop tekst en tekeningen gegraveerd zijn) die staan opgesteld rond de grote open ruimtes tussen de tempels.  Het Museo de Escultura dat aan de site is verbonden,  is niet heel groot maar huist een reeks prachtige stukken. We voelen ons na een dag cultuur alweer heel wat slimmer  en dat wil wat zeggen!

 

Donderdag 26 juni 2014

Dag van het echte afscheid.  Terwijl Linda en Hans nog enkele extra dagen in Honduras  gaan blijven,  maken Anne en ik ons op voor de terugkeer naar  Guatemala en nog twee weken verder reizen daar. We gaan nog iets drinken (die dekselse tropische hitte met hoge vochtigheidsgraad!)  en om 12 uur  ‘s middags is het dan zover.  We kussen en huggen.  Het was weer fantastisch en met een gastvrouw en gastheer als Linda en Hans kan dat niet anders.  Onze minibus rijdt langzaam Copán uit.  Het ga jullie goed  Baros en crew.  Bedanktvoor de ontvangst.  We wuiven nog eens. Voor hoelang alweer…?

 

Anne & Dirk

 

2020  SyBaros - Volg onze wereldreis op de voet   Website & Hosting by DHComputing - Templates by Globbers